Markering
Identificatiecode van de elektrische leidingen.
Er bestaan twee identificatiecodes: een nationale en een internationale van Cenelec. De nationale code van het Belgisch Elektrotechnisch Comité (BEC/Cebec) wordt geleidelijk vervangen door een nieuwe geharmoniseerde EEG-identificatie.
De afgekorte identificatie van de geharmoniseerde kabels stemt overeen met de Belgische norm NBN C33-001 en gebruikt 6 letters.
De samenstelling van de kabel wordt beschreven van de geleider naar de buitenkant (mantel); niet alle lagen worden noodzakelijkerwijs vermeld.
Voorbeeld: wanneer de geleider in koper is, wordt dit niet gespecificeerd, omdat ten tijde van de publicatie van de norm aluminium niet werd gebruikt.
Classificatie van de kabels
Kabels met papierisolatie:
Naam | Definitie | Code |
|---|---|---|
NBN C 33 111 | Loodbeklede kabels met koperen geleiders, geïsoleerd met geïmpregneerd papier (types: 1, 6, 10, 12 en 15 kV). | EIAJB EIAVB |
NBN C 33 112 | Loodbeklede kabels met koperen geleiders, geïsoleerd met geïmpregneerd papier (types: van 20 tot 75 kV). | EIAVB EIAJB EI3AJB EI3AVB |
NBN C 33 211 | Loodbeklede kabels met aluminium geleiders, geïsoleerd met geïmpregneerd papier (types: 1, 6, 10, 12 en 15 kV). | EAIAJB EAIAVB |
Kabels geïsoleerd met polyvinylchloride:
NBN C 33 121 | Kabels met scherm, koperen geleiders, geïsoleerd met PVC (types 1 en 6 kV). | EVAVB EVLAVB EVCVB EVDVB |
|---|---|---|
NBN C 33 221 | Kabels met scherm, aluminium geleiders, geïsoleerd met PVC (types 1 en 6 kV). | EAVAVB EAVLAVB EAVCVB EAVDVB |
Kabels geïsoleerd met massief geëxtrudeerd diëlektricum op basis van polyethyleen:
NBN C 33 323 | Energietransportkabels geïsoleerd met chemisch verkruisde polyethyleen (types 15, 20, 30 en 36 kV). | EXCVB EAXCVB |
|---|
Definitie van de markeringen
C30: algemeenheden;
C31: blanke geleiders en geleiders gebruikt in elektrische installaties;
C32: geleiders en kabels voor installatie en uitrusting;
C33: energiekabels;
C34: blanke draden voor luchtlijnen.
Definities cijfers reeks C33:
1ᵉ cijfer | 2ᵉ cijfer | ||
|---|---|---|---|
0 | Algemeenheden | 0 | Algemeenheden |
1 | Koper | 1 | Geïmpregneerde papierisolatie |
2 | Aluminium | 2 | Synthetische isolatie |
3 | Combinatie koper-aluminium | ||
Voorbeeld: EAXCVB volgens NBN C33 323.

- aluminium geleider;
- inwendige halfgeleider;
- isolatie in PRC (verkruisde polyethyleen);
- uitwendige halfgeleider;
- halfgeleidende band;
- koperen scherm;
- scheidingsband;
- buitenmantel in PVC.
Toelaatbare temperaturen van de geleiders:
- 65 °C voor 10, 12, 15 kV — NBN C 33 111 — NBN C 33 211
- 70 °C voor 1 kV tot 6 kV — NBN C 33 121 — NBN C 33 221
Basisvoorwaarden
In de bodem:
- Ondergrondse kabelgoten gevuld met zand;
- Bodemtemperatuur: 20 °C;
- Diepte van plaatsing: 70 cm;
- Thermische weerstand van de bodem: 100 °C cm/W (geen correctiefactoren toepassen; reden: waarde onbekend of niet meetbaar).
In de lucht:
- Gesloten kabelgoten niet gevuld met zand;
- Half-open kabelgoten;
- Plaatsing in gesloten of open kanaal;
- Omgevingstemperatuur: 20 °C.
Plaatsing in mantelbuis:
- Bodemtemperatuur: 20 °C;
- Diepte van plaatsing: 120 cm;
- Thermische weerstand van het materiaal van de mantelbuis: 100 °C (geen correctiefactoren toepassen; reden: waarde onbekend of niet meetbaar).
Bijzondere voorwaarden
Voor voorwaarden die afwijken van de basisvoorwaarden moeten correctiefactoren worden toegepast.
Tabellen toelaatbare stromen.
Geïmpregneerde papierkabel: NBN C 33 111 (Cu)
Toelaatbare stromen voor 3-polige kabel of een systeem van eenpolige kabels alleen geplaatst en alleen werkend (in de bodem of in de lucht).

Geïmpregneerde papierkabel: NBN C 33 211 (alu)
Toelaatbare stromen voor 3-polige kabel of een systeem van eenpolige kabels alleen geplaatst en alleen werkend (in de bodem of in de lucht).
Kabels geïsoleerd met PVC: NBN C 33 121 (Cu)
Toelaatbare stromen voor 3-polige kabel of een systeem van eenpolige kabels alleen geplaatst en alleen werkend in de bodem.
Toelaatbare stromen voor 3-polige kabel of een systeem van eenpolige kabels alleen geplaatst en alleen werkend in de lucht.
Correctiefactoren
De correctiefactoren:
- Bodemtemperatuur;
- Temperatuur van de open lucht;
- Nabijheid van andere kabels;
- Diepte van plaatsing;
- Nabijheid van andere kabels op geventileerd rek;
- Nabijheid van andere kabels op niet-geventileerd rek;
- Kabelgoten, kanalen, mantelbuizen;
- Nabijheid van andere kabels in kabelgoten, kanalen, mantelbuizen.
Plaatsing in de bodem of in de lucht.
Geïmpregneerde papierkabel — NBN C 33 111 — NBN C 33 211 (Cu en Alu).

Kabel geïsoleerd met PVC — NBN C 33 121 — NBN C 33 221 (Cu en Alu).


Geïmpregneerde papierkabel — Kabel geïsoleerd met PVC — NBN C 33 111 — NBN C 33 211 — NBN C 33 121 — NBN C 33 221 (Cu en Alu).

Plaatsing in kabelgoten of op rek.
Geïmpregneerde papierkabel — Kabel geïsoleerd met PVC — NBN C 33 111 — NBN C 33 211 — NBN C 33 121 — NBN C 33 221 (Cu of Alu).
Aantal meerpolige kabels of systemen van eenpolige kabels | 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 8 | 10 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Meerpolige kabels niet aanrakend | 0,95 | 0,90 | 0,88 | 0,87 | 0,86 | 0,85 | 0,84 | 0,83 |
Systemen van eenpolige kabels in laag, niet aanrakend | 0,92 | 0,89 | 0,88 | 0,84 | 0,84 | 0,83 | 0,82 | 0,80 |
Systemen van eenpolige kabels in klaverblad, niet aanrakend | 0,95 | 0,90 | 0,88 | 0,85 | 0,84 | 0,783 | 0,82 | 0,80 |
Meerpolige kabels aanrakend | 0,95 | 0,84 | 0,80 | 0,78 | 0,76 | 0,75 | 0,74 | 0,72 |
Systemen van eenpolige kabels in laag, aanrakend | 0,80 | 0,75 | 0,75 | 0,71 | 0,71 | 0,70 | 0,68 | 0,67 |
Systemen van eenpolige kabels in klaverblad, aanrakend | 0,80 | 0,76 | 0,73 | 0,72 | 0,71 | 0,70 | 0,68 | 0,67 |
d = buitendiameter
Deze correctiefactoren zijn ook geldig voor een aantal meerpolige kabels of systemen van eenpolige kabels op gestapelde rekken die minstens 30 cm uit elkaar zijn geplaatst.
Correctiefactoren m.b.t. het effect van kabelgoten, kanalen en mantelbuizen.
Doorsnede mm² | Meerpolige kabel | Systeem van eenpolige kabels | |
|---|---|---|---|
1. Gesloten fabriekskabelgoot | - | 0,90 | 0,81 |
2. Half-open fabriekskabelgoot | - | 0,95 | 0,86 |
3. Gesloten kanaal | - | 0,90 | 0,81 |
4. Open kanaal | - | 0,98 | 0,91 |
5. Mantelbuizen — buizen geplaatst op 120 cm diepte | ≤ 50 70 – 150 185 – 400 > 400 | 0,81 0,80 0,79 - | 0,81 0,79 0,76 0,69 |
5b. Drie niet-ferro buizen — in laag | ≤ 50 | - - - - - - - | 0,82 |
d = buitendiameter van de kabel
Correctiefactoren m.b.t. de nabijheid van kabelgoten, kanalen, mantelbuizen.
Toelaatbare stromen in de kabels
Toelaatbare stromen in de kabels — NBN C 33 323 — geïsoleerd met massief geëxtrudeerd diëlektricum op basis van chemisch verkruisde polyethyleen (PRC).
Plaatsingsvoorwaarden
In de bodem:
- Bodemtemperatuur 20 °C;
- Diepte van plaatsing U0/U: 8,7 tot 15 kV: 70 cm;
- Thermische weerstand van de bodem 100 °C cm/W (geen correctiefactoren toepassen; reden: waarde onbekend of niet meetbaar).
Bijzondere voorwaarden:
- Correctiefactor m.b.t. de bodemtemperatuur;
- Correctiefactor m.b.t. de thermische weerstand van de bodem: niet toegepast — onbekende factor;
- Correctiefactor m.b.t. de nabijheid van andere kabels;
- Correctiefactor m.b.t. de plaatsingsdiepte.
In de lucht:
- Omgevingstemperatuur: 30 °C.
NB. Indien de kabels buiten zijn opgesteld, worden ze verondersteld onttrokken aan rechtstreekse zonnestraling.
Bijzondere voorwaarden:
- Correctiefactor m.b.t. de omgevingstemperatuur;
- Correctiefactor m.b.t. de nabijheid van andere kabels op geventileerd of niet-geventileerd rek.
Geplaatst in kabelgoten:
- Gesloten kabelgoot niet gevuld met zand (minimumafmetingen 40 × 40 cm) gelijk met de bodem dankzij metalen plaat of gewapend beton.
- Half-open kabelgoot (minimumafmetingen 40 × 40 cm) afgesloten met een rooster of metalen deksel over minstens een derde van het oppervlak.
- Omgevingstemperatuur: 30 °C.
Bijzondere voorwaarden:
- Correctiefactor m.b.t. de bodemtemperatuur;
- Correctiefactor m.b.t. de thermische weerstand van de bodem: niet toegepast: onbekende waarde;
- Correctiefactor m.b.t. de nabijheid van andere kabels.
Tabellen van toelaatbare stromen:
Doorsnede | U0/U: 8,7 – 15 kV — In de bodem | U0/U: 8,7 – 15 kV — In de lucht | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Cu | Al | Cu | Al | Cu | AL | Cu | Al | |
|
|
|
|
|
|
|
| |
A | A | A | A | A | A | A | A | |
50 | 242 | 189 | 224 | 174 | 275 | 214 | 237 | 184 |
70 | 298 | 233 | 278 | 216 | 346 | 270 | 299 | 232 |
95 | 349 | 274 | 329 | 256 | 417 | 326 | 361 | 280 |
120 | 395 | 311 | 375 | 292 | 479 | 375 | 416 | 323 |
150 | 436 | 345 | 418 | 325 | 539 | 423 | 470 | 366 |
185 | 471 | 375 | 456 | 356 | 592 | 467 | 520 | 405 |
240 | 558 | 447 | 546 | 428 | 717 | 568 | 633 | 495 |
300 | 602 | 488 | 601 | 474 | 793 | 643 | 708 | 558 |
400 | 675 | 555 | 692 | 551 | 919 | 744 | 833 | 662 |
500 | 748 | 623 | 778 | 627 | 1041 | 854 | 952 | 765 |
630 | 823 | 697 | 871 | 712 | 1177 | 980 | 1086 | 885 |
800 | 912 | 783 | 973 | 807 | 1324 | 1119 | 1232 | 1020 |
1000 | 974 | 851 | 1049 | 888 | 1442 | 1243 | 1357 | 1146 |
Kabel geïsoleerd met massief geëxtrudeerd diëlektricum op basis van chemisch verkruisde polyethyleen.
NBN C 33 323 (Cu en Alu).
Correctiefactoren m.b.t. de nabijheid van andere kabels (geplaatst in de bodem).



Correctiefactoren m.b.t. de luchttemperatuur.















— in klaverblad







