Technische gids · AREI Boek 1, hoofdstuk 7.22

Laadpaal installeren volgens het AREI: toegewijde kring & verliesstroombeveiliging

Hoe één — of meerdere — laadpalen correct voeden en beveiligen volgens het AREI Boek 1 (hoofdstuk 7.22). De kern van de gids: de oplossing met parallelle verliesstroomschakelaars, één 30 mA schakelaar per laadpunt, onmisbaar zodra u meerdere laadpalen plaatst. Opgesteld door Atlas Contrôle, erkend organisme BELAC ISO 17020 nr. 663-INSP, op basis van de Vinçotte Academy-opleiding en het geldende AREI.

Voor wie? Voor elektriciens, studiebureaus en geïnformeerde particulieren die de bekabelings- en beveiligingsregels van een laadpaal willen begrijpen. Atlas Contrôle installeert geen laadpalen — wij keuren en certificeren de conformiteit na de installatie.

Een voertuig laden: de 4 modi

Vóór we het over beveiliging hebben, een nuttige herinnering. Het AREI 7.22 geldt voor conductieve laadpalen bestemd om energie van het net naar het voertuig te leveren (of terug te leveren, V2G). In residentiële en professionele context is het Modus 3 — de wallbox met Type 2-connector — de norm.

Modus Principe Gebruik Vermogen
Modus 1 Huishoudelijk stopcontact, zonder communicatie Niet geschikt voor EV ≤ 2,3 kW
Modus 2 Kabel met ingebouwde controlebox Occasioneel noodgeval ≤ 7,4 kW
Modus 3 Toegewijde laadpaal (wallbox), Type 2 De standaard (residentieel & pro) 3,7 → 22 kW
Modus 4 Snelladen in gelijkstroom (DC) Publieke snelladers 50 → 350 kW

Hoofdstuk 7.22 trad in werking op 1 november 2022 (KB van 10 juli 2022). Elke installatie waarvan de werken na die datum startten, moet het volledig naleven.

Gulden regel: één exclusief toegewijde kring per aansluitpunt

Dat is de basis van heel hoofdstuk 7.22. Een laadpaal mag niet via een stopcontact op de vaste installatie worden aangesloten. Elk aansluitpunt beschikt over een toegewijde elementaire kring, vertrekkend uit het bord, met eigen beveiligingen.

🔌 Toegewijde kring

Eén kring per laadpunt. De beveiligingen kunnen in de vaste installatie stroomopwaarts zitten, in de laadpaal, of een combinatie van beide.

🌍 TN-S verplicht

De PE (aarde) is gescheiden van de nulleider. TN-C (PEN-geleider) is verboden voor de toegewijde kring → TN-S op de eindkring.

Bescherming tegen onrechtstreekse aanraking: de schakelaar

Het ladende voertuig kan bij een isolatiefout een gelijkstroomcomponent (DC) in de installatie injecteren. Een vlakke gelijkstroom kan de kern verzadigen van een klassieke schakelaar en hem beletten te reageren. Daarom eist het AREI 7.22.4.1.b op het aansluitpunt een 30 mA schakelaar waarvan de werking gegarandeerd blijft bij een storende gelijkstroomcomponent (≥ 6 mA DC).

De klassen van verliesstroomschakelaars

Type Detecteert Voor een laadpaal
AC Enkel sinusvormige wisselstroom Verboden voor een laadpaal
A AC + pulserende gelijkstroom OK als de laadpaal de 6 mA DC detecteert
F AC + pulserend + gemengde frequenties Alleen onvoldoende
B AC + pulserend + vlakke gelijkstroom Geschikt op zich

3 gelijkwaardige oplossingen op het aansluitpunt

1

Type B 30 mA schakelaar. Detecteert van nature de vlakke gelijkstroom. De meest volledige oplossing… maar de duurste.

2

Type A 30 mA + DC-detector (RDC-DD). Een type A 30 mA gecoördineerd met een detector van vlakke gelijkstroom ≥ 6 mA, die de laadpaal buiten dienst stelt zodra die stroom verschijnt. Economisch de meest voorkomende oplossing.

3

Laadpaal met geïntegreerde 6 mA DC-detectie + type A 30 mA stroomopwaarts. De meeste AC-wallboxen integreren de 6 mA-detectie al: dan volstaat een gewone type A 30 mA in het bord. Controleer uw model in onze tool →

Het sleutelpunt

Meerdere laadpalen: één schakelaar per laadpunt, parallel

Dit is de meest voorkomende — en gevaarlijkste — bekabelingsfout. Wie meerdere laadpalen plaatst, is geneigd ze te beschermen met één gemeenschappelijke 6 mA DC-detectie stroomopwaarts. Dat is verboden, en dit is waarom.

Elke ladende laadpaal kan een kleine gelijkstroomfout genereren (bv. 4 mA, onder de drempel van 6 mA). Afzonderlijk is dat onschadelijk. Maar in een gemeenschappelijke montage stapelen die gelijkstromen zich op: 3 laadpalen × 4 mA = 12 mA DC. Die gelijkstroom verzadigt de kern van de gemeenschappelijke detectie, die « verblind » raakt — ze reageert niet meer, zelfs niet bij een echte gevaarlijke fout. Geen enkele laadpaal is beschermd.

Foute montage: één gemeenschappelijke 6 mA-detectie → verblinde schakelaar
Bord 1 gemeensch. 6 mA DC-detectie (gedeelde type A 30 mA) Laadpaal 1 fout 4 mA DC Laadpaal 2 fout 4 mA DC Laadpaal 3 fout 4 mA DC Σ = 4 + 4 + 4 = 12 mA DC > 6 mA → detectie verzadigd en verblind, geen uitschakeling

De conforme oplossing: elk laadpunt op zijn eigen toegewijde kring, met zijn eigen 30 mA schakelaar en zijn eigen 6 mA DC-detectie, alles parallel geplaatst vanuit het bord. Zo « ziet » elke detectie enkel de stroom van zijn laadpaal (4 mA < 6 mA) en blijft volledig functioneel.

Goede montage: één 30 mA + 6 mA DC-schakelaar per laadpaal, parallel
Bord 30 mA schakelaar + 6 mA DC-detectie Laadpaal 1 4 mA < 6 mA ✓ 30 mA schakelaar + 6 mA DC-detectie Laadpaal 2 4 mA < 6 mA ✓ 30 mA schakelaar + 6 mA DC-detectie Laadpaal 3 4 mA < 6 mA ✓ Elke kring is onafhankelijk beschermd → geen opstapeling, elke schakelaar reageert

Onthoud: deel nooit de 6 mA DC-detectie over meerdere laadpalen. Het principe is « één laadpunt = één toegewijde kring = één 30 mA schakelaar met zijn DC-detectie », allemaal parallel. Dezelfde redenering geldt stroomafwaarts van een algemene type A 30 mA schakelaar: ook die zou verblind worden door de opstapeling van gelijkstroomcomponenten.

Toegelaten / verboden: de montages in één oogopslag

Alles volgt uit één enkele regel uit de Vinçotte-opleiding en het AREI: een toestel dat een gelijkstroomcomponent > 6 mA doorlaat (een laadpaal, een type B-schakelaar) mag zich nooit stroomafwaarts van een type A-schakelaar bevinden — anders raakt de type A verzadigd en verblind. En elke bron van gelijkstroomlek heeft zijn eigen 6 mA-detectie nodig. Hier de concrete gevallen.

« In de elektrische installaties van huishoudelijke plaatsen is het verboden een verliesstroombeveiliging van type A te plaatsen stroomopwaarts van één of meer verliesstroombeveiligingen die een beschermingsfunctie hebben tegen fouten met een totale gelijkstroomcomponent van meer dan 6 mA. » — AREI Boek 1, hoofdstuk 7.22

Toegelaten

Laadpaal met geïntegreerde 6 mA DC + type A 30 mA

Bord Type A 30 mA Laadpaal 6 mA DC ingebouwd ✓

Het meest voorkomende geval: de wallbox detecteert de 6 mA, een gewone type A volstaat.

Toegewijde type B 30 mA

Bord Type B 30 mA Laadpaal

De type B detecteert vlakke gelijkstroom van nature: nooit verblind. Volledig maar duur.

Meerdere laadpalen: 1 schakelaar + 6 mA per punt, parallel

Bord Type A 30 mA + 6 mA DC Laadpaal Type A 30 mA + 6 mA DC Laadpaal

Elke detectie ziet enkel zijn laadpaal: geen opstapeling. (Hierboven uitgewerkt.)

Verboden / gevaarlijk

Type A stroomopwaarts van een type B

Bord Type A 30 mA verblind Type B 30 mA Laadpaal > 6 mA DC ↑

De gelijkstroom stroomt terug en verzadigt de type A: verboden door het AREI (citaat hierboven).

1 gedeelde 6 mA-detectie voor meerdere laadpalen

Type A 30 mA + 6 mA gemeensch. (verblind) Laadpaal 4 mA Laadpaal 4 mA Σ > 6 mA → verblind

De gelijkstroomcomponenten tellen op en overschrijden 6 mA: de detectie reageert niet meer.

Laadpaal op een stopcontact

Bord Stopcontact Laadpaal

Verboden (7.22.3): een exclusief toegewijde kring vanuit het bord is verplicht.

Bescherming tegen overstroom

Elke toegewijde kring krijgt zijn bescherming tegen overbelasting en kortsluiting (automaat of zekering), gedimensioneerd volgens de geleiderdoorsnede. Enkele richtwaarden uit tabel 4.11 van het AREI Boek 1:

Doorsnede (mm²) Zekering max Automaat max
2,516 A20 A
420 A25 A
632 A40 A
1050 A63 A

Dimensioneringstip: een wallbox 7,4 kW monofasig trekt ~32 A → minimaal 6 mm² geleider. Een laadpaal 11 kW driefasig trekt ~16 A/fase → 2,5 mm² kan volstaan afhankelijk van de lengte. Houd rekening met de spanningsval op lange verbindingen bord ↔ laadpaal.

Plaatsing: uitwendige invloeden & noodstop

☔ Minimaal IP 44

Een laadpaal in open lucht ondergaat opspattend water (AD4) en vreemde voorwerpen (AE3): beschermingsgraad minimaal IP 44.

🛡️ Mechanische bescherming

Bijkomende maatregelen tegen elke redelijkerwijs voorzienbare aanrijding: paaltje, wielstop, betonnen sokkel.

🛑 Noodstop

Laadpaal in een gebouw: noodstoporgaan zichtbaar, aangeduid, bereikbaar en snel bedienbaar (manueel of op afstand).

Memo: conformiteit van een laadpaal in 8 punten

Exclusief toegewijde kring per aansluitpunt (geen stopcontact)
TN-S-schema — TN-C/PEN verboden op de eindkring
30 mA schakelaar gegarandeerd tegen gelijkstroomcomponent ≥ 6 mA
Eén 30 mA schakelaar + DC-detectie PER laadpaal, parallel
Overstroombeveiliging aangepast aan de geleiderdoorsnede
Min. IP 44 + mechanische bescherming voor een buitenlaadpaal
Noodstop voor laadpalen in een gebouw
Keuring door een erkend organisme (BELAC) vóór ingebruikname

Laadpaal geplaatst? Boek de AREI-keuring

Atlas Contrôle keurt uw laadpaal vanaf € 155 incl. btw. Offerte in 30 seconden, antwoord binnen 24 u (werkdagen).

Bereken uw offerte in 30 seconden

Indicatieve prijs onmiddellijk, vrijblijvend.

Veelgestelde vragen

Waarom één schakelaar per laadpaal en niet één gemeenschappelijke voor meerdere?
Omdat de gelijkstroomfouten (DC) zich opstapelen. Delen meerdere laadpalen één 6 mA DC-detectie stroomopwaarts, dan tellen de kleine gelijkstromen van elke laadpaal op (bv. 3 × 4 mA = 12 mA) en overschrijden de drempel van 6 mA: de detectie wordt « verblind » door magnetische verzadiging en geen enkele schakelaar reageert nog bij een echte fout. De AREI-conforme oplossing (7.22) is één 30 mA schakelaar met 6 mA DC-detectie toegewijd aan elk laadpunt, parallel geplaatst: elke detectie « ziet » enkel de stroom van zijn eigen laadpaal.
Is een type B-schakelaar verplicht voor een laadpaal?
Nee. Het AREI (7.22.4.1.b) eist een 30 mA schakelaar waarvan de werking gegarandeerd blijft tegen de gelijkstroomcomponent — het legt het type B als dusdanig niet op. Drie oplossingen zijn gelijkwaardig: (1) een type B 30 mA; (2) een type A 30 mA gecoördineerd met een vlakke gelijkstroomdetector ≥ 6 mA (RDC-DD); (3) een laadpaal met geïntegreerde 6 mA DC-detectie, met een gewone type A 30 mA stroomopwaarts. De meeste AC-wallboxen integreren de 6 mA-detectie: dan volstaat een type A 30 mA in het bord en is de (dure) type B overbodig.
Mag een laadpaal via een stopcontact gevoed worden?
Nee. Het AREI 7.22.3 verbiedt uitdrukkelijk een laadpaal via een stopcontact op de vaste installatie aan te sluiten. Elk laadpunt moet over een exclusief toegewijde kring beschikken, vertrekkend uit het bord, met eigen beveiligingen. Occasioneel laden op een huishoudelijk stopcontact (Modus 1) is niet geschikt voor elektrische voertuigen en houdt een oververhittingsrisico in.
Welk aardingsschema voor de kring van een laadpaal?
De eindkring van de laadpaal moet in TN-S-schema zijn: de beschermingsgeleider (PE) is gescheiden van de nulleider. Het TN-C-schema (PEN-geleider die nul en aarde combineert) is verboden voor de toegewijde kring van een laadpaal.
Welke beschermingsgraad (IP) voor een buitenlaadpaal?
Een laadpaal in open lucht moet minstens IP 44 hebben (uitwendige invloeden AD4 — opspattend water, en AE3 — vreemde voorwerpen). Bijkomende maatregelen worden genomen tegen mechanische schokken (paaltje, wielstop, betonnen sokkel) om de laadpaal te beschermen tegen redelijkerwijs voorzienbare aanrijding.
Is een noodstop verplicht voor een laadpaal?
Ja, voor laadpalen geïnstalleerd in een gebouw (AREI 7.22.5.2 / 5.3.3.1.c): een noodstoporgaan dat zichtbaar geplaatst, duidelijk aangeduid, makkelijk bereikbaar en snel bedienbaar is, met handmatige of afstandsbediening. Dit orgaan moet alle laadpalen spanningsloos kunnen maken.
Is de keuring van een laadpaal verplicht?
Ja. Het toevoegen van een laadpaal creëert een toegewijde kring: dat is een belangrijke uitbreiding van de installatie volgens het AREI, die door een erkend organisme (BELAC) moet worden gekeurd vóór ingebruikname. Atlas Contrôle (BELAC 663-INSP) voert deze keuring uit vanaf € 155 incl. btw, afspraak binnen 48u, PV dezelfde dag ter plaatse overhandigd bij huishoudelijke installaties (24-48u niet-huishoudelijk).