Kostprijs en terugverdientijd van zonnepanelen: offerte, 6 % btw en afschrijving
Gids zonnepanelen installeren — hoofdstuk 8/16
Een technisch onberispelijke installatie verkoopt zichzelf niet zonder een helder, volledig en verdedigbaar aanbod. De gedetailleerde offerte, de rentabiliteitsstudie en de energiebalans vormen het commerciële luik van een volledig installatiedossier — en precies wat uw klant van een professioneel aanbod verwacht. Opgesteld door Atlas Contrôle, erkend keuringsorganisme BELAC ISO 17020 nr. 663-INSP, dat fotovoltaïsche installaties in volledige onafhankelijkheid keurt.
De structuur van een volledige offerte
Wij raden aan de offerte op te stellen volgens een systematisch canvas — in Wallonië desgevallend op basis van het typecontract van de SPW (de Waalse overheidsdienst), waarvan het gebruik trouwens een van de voorwaarden is voor het Waalse bedrijfslabel NRQual. Ook in Vlaanderen en Brussel is dezelfde discipline een goede praktijk. Een professionele pv-offerte bevat drie luiken: de gedetailleerde prijs post per post, de algemene verkoopvoorwaarden en de garanties.
Elke levering staat erin met haar omschrijving, merk, referentie, eenheid (stuk, meter, uur of forfait), hoeveelheid en eenheidsprijs excl. btw. Steevast vindt men de volgende families terug:
| Postenfamilie | Typische inhoud | Eenheid |
|---|---|---|
| Fotovoltaïsche modules | Merk, type, piekvermogen, garanties | stuk |
| Omvormer(s) | Eén post per omvormer | stuk |
| Montagestructuur | Dakhaken (pannen of leien), rails, koppelstukken, midden- en eindklemmen, afwerkstukken, schroeven/houtdraadbouten | stuk |
| Bekabeling | DC-solarkabel (H1Z2Z2-K volgens EN 50618), AC-kabel (XVB 3G2,5 of 5G2,5), MC4-connectoren mannelijk/vrouwelijk | meter / stuk |
| Beveiligingen en meting | Automaat van de pv-kring (2P×16 A, 3P×20 A of tetrapolair volgens de aansluiting), bijkomend verdeelkastje, groenestroommeter mono of tetra | stuk |
| Keuring | Controle door een erkend keuringsorganisme + opmaak van de schema’s (eendraadschema en situatieschema) | forfait |
| Werkuren | Plaatsing, elektrische aansluiting, indienststelling | uur of forfait |
Als opties begroot u het best afzonderlijk: de garantie-uitbreiding, de monitoring, de differentieelschakelaar 300 mA (2P of 4P×40 A), het conform maken van de aarding en de overspanningsbeveiliging. Die opties zijn commercieel belangrijk: ze vermijden discussies tijdens de werf wanneer de bestaande installatie niet conform blijkt. Het detail van die componenten komt aan bod in hoofdstuk 3 (onderdelen van een installatie) en in hoofdstuk 12 (aansluiting op het verdeelbord).
Hou ten slotte de factoren die de kostprijs doen variëren voor ogen: moduletechnologie, mono- of driefasige aansluiting, type plaatsing (opbouw, integratie, zonnevolger), aard van de dakbedekking, keuze van de DC/AC-conversie, plaatsings- en elektriciteitswerkuren, onderaanneming, keuring, conform maken van de bestaande installatie en opties.
Het voorbeelddossier (2023): een offerte uit een volledig installatiedossier
Het voorbeelddossier betreft een residentiële installatie van 9 modules van 435 Wp full black (3,915 kWp) met een hybride driefasige omvormer van 3 kW, geplaatst op een pannendak van 35° gericht naar het zuidoosten, voor een klant die 3500 kWh/jaar verbruikt. De offerte (september 2023) ziet er zo uit:
| Post | Bedrag excl. btw |
|---|---|
| 9 modules 435 Wp full black (195 €/stuk) | 1.755,00 € |
| Hybride driefasige omvormer 3 kW (garantie 10 jaar) | 1.320,00 € |
| Bekabeling (solarkabel 4 mm² rood/zwart, geel-groene kabel 4 mm², MC-connectoren) | ≈ 83,55 € |
| Klein montagemateriaal (dakhaken, zwarte rails, klemmen, eindstukken, schroeven) | ≈ 1.181,76 € |
| Keuring door erkend keuringsorganisme + schema’s | 300,00 € |
| Werkuren, aansluiting en indienststelling | 1.200,00 € |
| Subtotaal excl. btw | 5.840,31 € |
| Btw 6 % | 350,42 € |
| Totaal incl. btw | 6.190,73 € |
Vier lessen uit het voorbeelddossier
- Het montagemateriaal is geen detail: dakhaken en rails wegen hier bijna 1.200 € excl. btw, meer dan de helft van de post modules. « Vergeet » ze nooit in een snelle prijsopgave (zie hoofdstuk 10, de bevestiging op het dak).
- De keuring door het erkend keuringsorganisme en de schema’s staan expliciet in de offerte (300 € forfaitair in het voorbeeld). Het is een resultaatsverbintenis: injectie op het net is pas toegelaten na de keuring van de installatie, en het keuringsverslag maakt deel uit van het dossier dat aan de klant wordt overhandigd (details in hoofdstuk 13, de AREI-keuring).
- De globale prijs komt uit op ongeveer 1,58 €/Wp incl. btw (materiaal, plaatsing, keuring en indienststelling inbegrepen) — een grootteorde van 2023. De markt is sindsdien gezakt: begin 2025 noteerde Test Aankoop een gemiddelde van ongeveer 1.000 €/kWp sleutel-op-de-deur, met offertes onder 800 €/kWp.
- De offerte vermeldt de geraamde jaarproductie: een goede praktijk, maar wees consequent — in het voorbeeld kondigt de offerte 3500 kWh/jaar aan terwijl de berekeningsnota op 3905 kWh/jaar uitkomt; precies dat soort interne afwijking zal een aandachtige klant opmerken.
Algemene verkoopvoorwaarden en garanties
De algemene voorwaarden op de keerzijde van de offerte dekken klassiek: offertes en bestellingen (geldigheid van het aanbod — 15 dagen in het voorbeeld), uitvoeringsmodaliteiten, levering en oplevering, prijs en toeslagen, betalingsmodaliteiten (in het voorbeeld: 50 % bij bestelling, 30 % bij levering van het materiaal, 20 % bij het einde van de werf), eigendomsvoorbehoud, garanties en aansprakelijkheid van beide partijen, overmacht, ontbinding, toepasselijk recht en bevoegde rechtbank.
Wat de garanties betreft, de gebruikelijke grootteordes:
- 10 jaar op de dakwerken;
- 5 tot 20 jaar op de modules (productgarantie) — recente fabrikanten gaan verder: de module uit het voorbeelddossier biedt 25 jaar productgarantie en een lineaire vermogensgarantie over 30 jaar (jaarlijkse degradatie 0,40 %, 87,4 % van het vermogen na 30 jaar);
- 5 tot 10 jaar op de omvormer;
- eventueel een productiegarantie, beoordeeld aan de hand van de metingen van het KMI en de regionale statistieken.
Btw: 6 % of 21 % volgens de leeftijd van het gebouw
De federale regel (permanent renovatieregime) is eenvoudig: de btw bedraagt 6 % voor de levering met plaatsing van zonnepanelen op een privéwoning die minstens 10 jaar in gebruik is (overwegend privégebruik, facturatie door de aannemer aan de eindverbruiker, vermelding op de factuur in plaats van het vroegere attest), en 21 % in de andere gevallen. Het tijdelijke tarief van 6 % voor woningen jonger dan 10 jaar liep af op 31 december 2023 en is voor zonnepanelen niet verlengd (situatie in juli 2026). Op de offerte uit het voorbeelddossier (bestaande woning) wordt het geheel van de posten — materiaal, werkuren en keuring — gefactureerd tegen 6 %, ofwel 350,42 € btw in plaats van 1.226,47 € tegen 21 %: bijna 900 € verschil op een kleine installatie.
Aan te leren reflex: controleer altijd of het gebouw in aanmerking komt vóór u het verlaagde tarief aankondigt, en let op de afbakening van de FOD Financiën: de modules, de omvormer (ook hybride), de optimizers, de draagstructuur, de bekabeling tot aan het verdeelbord en de bijbehorende beveiligingen volgen het verlaagde tarief, maar de thuisbatterij (en een omvormer die enkel met een batterij werkt), de laadpaal en de slimme sturing blijven aan 21 %. Herinner er in uw algemene voorwaarden aan dat de btw geldt tegen het tarief van kracht op het moment van facturatie.
Richtprijzen — referentiepunten met hun datum
Elk referentiepunt draagt zijn datum: gebruik de oudste waarden alleen om de rekenmethode te illustreren.
| Referentie | Richtprijs | Datum |
|---|---|---|
| Becijferde oefening (1800 Wp) | 1,10 €/Wp excl. btw | 11/2017 |
| Waalse afschrijvingstabel (4 kWp) | 1,40 €/Wp excl. btw (≈ 5.936 € incl. btw) | 2022 |
| Voorbeelddossier (3,915 kWp sleutel-op-de-deur) | ≈ 1,58 €/Wp incl. btw | 2023 |
| Marktgemiddelde Test Aankoop (sleutel-op-de-deur) | ≈ 1.000 €/kWp incl. btw, offertes tot onder 800 €/kWp | begin 2025 |
| Vervangomvormer buiten garantie | 1.200 tot 1.500 € | 2022 |
| Elektriciteit afgenomen van het net (all-in) | 32,22 c€/kWh (Vlaanderen) · 37,19 c€ (Brussel) · 37,83 c€ (Wallonië) | CREG-tarief, Q3 2026 |
De rentabiliteitsberekening en de afschrijvingstabel
De rentabiliteit laat zich voorstellen als een balans uitgaven/inkomsten waarvan de tijd de evenaar is. Aan de ene kant de uitgaven: prijs van de installatie incl. btw (6 % of 21 %), prosumententarief, herstellingen en onderhoud, vervanging van de omvormer buiten garantie. Aan de andere kant de inkomsten: de groenestroomcertificaten (in juli 2026 alleen nog in Brussel), de verkoop van het geïnjecteerde overschot en vooral de jaarlijkse besparing op elektriciteit. Oudere rekentabellen vermeldden in die kolom ook nog « eventuele overheidssteun » — schrap die post: in juli 2026 kent geen enkel gewest nog een investeringspremie toe voor residentiële zonnepanelen, en de « steun » beperkt zich tot de 6 % btw en de gewestelijke leningen (Mijn VerbouwLening, ECORENO, Rénoprêt).
Een ernstige berekening, gevoerd over de levensduur van de modules (25 jaar), houdt bovendien rekening met:
- het jaarlijkse productieverlies van de modules: ± 0,6 %/jaar (0,40 %/jaar gegarandeerd voor de recente modules uit het voorbeelddossier; een voorzichtige rekenhypothese is −0,7 %/jaar);
- de indexering van de elektriciteitsprijs: ± 3 %/jaar als klassieke rekenhypothese;
- het zelfverbruikspercentage (40 % in het Waalse rekenvoorbeeld hierna, ≈ 57 % in het voorbeelddossier) — dé sleutelvariabele nu de compensatie uitgedoofd is: in Brussel al sinds november 2021, in Vlaanderen definitief sinds 1 april 2026, en in Wallonië enkel nog tot eind 2030 voor installaties die vóór 2024 in dienst gingen;
- het AC-vermogen van de omvormer, berekeningsbasis van het Waalse capacitaire prosumententarief en van het Vlaamse prosumententarief zolang er een klassieke teller hangt; met een digitale meter rekent Vlaanderen de netkosten af via het capaciteitstarief op de afnamepieken (zie hoofdstuk 7, de omvormer dimensioneren);
- de inflatie, de interesten van een eventuele lening, het onderhoud — sluit de studie het best af met een vergelijking met andere financiële beleggingen.
De afschrijvingstabel over 25 jaar
De afschrijvingstabel toont, jaar per jaar over 25 jaar: de productie (dalend), het zelfverbruikte aandeel, de elektriciteitsprijs (geïndexeerd), de besparing op de factuur, de eventuele vergoeding van de injectie, het prosumenten- of capaciteitstarief en de eventuele steun, en vervolgens de cumul kosten/opbrengsten en de balans. Het punt waarop de cumul positief wordt, is de terugverdientijd van de installatie.
Een Waals rekenvoorbeeld (toestand 2022, stelsel van de installaties gekeurd vóór 31/12/2023) voor 4 kWp geplaatst tegen 1,40 €/Wp excl. btw (5.936 € incl. btw) komt, over 25 jaar en met inbegrip van één omvormervervanging, uit op een gecumuleerde nettowinst van ongeveer 36.000 €, een netto prosumententarief van ongeveer 2.400 € en een kostprijs van de fotovoltaïsche kWh van 0,104 €/kWh. Dezelfde rekentabel toegepast op de oefeninstallatie van 1800 Wp geeft een nettowinst van ongeveer 9.200 € en een pv-kWh tegen ≈ 0,122 €/kWh. De tabel markeert twee structurerende gebeurtenissen: het einde van de compensatie (in Wallonië op 31 december 2030 voor installaties ≤ 10 kVA die vóór 1 januari 2024 in dienst gingen; in Vlaanderen wordt het saldo van de terugdraaiende teller sinds 1 april 2026 definitief niet meer gecompenseerd) en de overgang naar de vergoeding van de injectie. Het rekenvoorbeeld ging destijds uit van een terugkoop van ≈ 0,08 €/kWh; de Vlaamse markt betaalde eind juni 2026 gemiddeld ± 4,37 c€/kWh voor injectie (van ± 0,27 tot 9,14 c€/kWh volgens het contract), tegenover een afnameprijs in de orde van 30 c€/kWh — de kloof is dus nog groter dan toen aangenomen, en zelfverbruik des te belangrijker.
De emblematische berekening
Prijs van de pv-kWh = netto-investering ÷ (levensduur × jaarproductie)
Voor de installatie van 1800 Wp (voorbeeld op 10/01/2022): aankoop 2.099 € incl. btw + vervangomvormer 1.200 € + capacitair prosumententarief over 25 jaar 3.187 € − premie SPW 363 €, het geheel gedeeld door 1.757 kWh/jaar × 25 jaar, ofwel 0,14 €/kWh — te vergelijken met de 0,37 €/kWh die de leveranciers aanrekenden op dezelfde datum. Herrekend voor 2026 — zonder premie (de Waalse premie bestaat niet meer) en tegenover het CREG-gemiddelde van 32 tot 38 c€/kWh (derde kwartaal 2026) — blijft de grootteorde overeind: de zelf opgewekte kWh kost een factor twee à drie minder dan de aangekochte kWh.
Terugverdientijd — situatie in juli 2026
- Vlaanderen: indicatief ± 6 tot 9 jaar zonder batterij (niet-officiële sectorwaarde); wie het zelfverbruik opdrijft — gestuurde boiler, laden overdag — zakt onder 7 jaar.
- Brussel: Brugel kalibreert de groenestroomcertificaten forfaitair op een terugverdientijd van 7 jaar.
- Wallonië: minder dan 7 jaar haalbaar met een hoog zelfverbruik (raming écoconso, januari 2026).
De gewestelijke simulatoren
In plaats van zelf een rekentabel te bouwen, gebruikt u de officiële simulatoren. In Vlaanderen raamt de Zonnekaart van het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap (via energiesparen.be) het potentieel van uw dak. Voor Wallonië en Brussel ontwikkelde APERe / Énergie Commune sifpv.apere.org (Wallonië) en sifpv-bxl.apere.org (Brussels Hoofdstedelijk Gewest): zij berekenen de netto contante waarde (NCW), de geactualiseerde terugverdientijd en het interne rendement. Voor Brussel rekent u met de actuele parameters van de groenestroomcertificaten: sinds 1 april 2026 levert een installatie tot 5 kWp 2,055 certificaten per MWh op, gedurende 10 jaar en tegen het tarief dat geldt op de datum van indienststelling; Elia garandeert een minimumprijs van 65 € per certificaat en de markt betaalde medio 2026 ongeveer 65 à 71 €. In Brussel weegt de verkoop van de certificaten daardoor zwaarder door dan de besparing op elektriciteit — reken het na met onze rekenmodule groenestroomcertificaten (coëfficiënten Brugel).
De gewestelijke steunmechanismen — situatie in juli 2026
In juli 2026 geldt in de drie gewesten hetzelfde uitgangspunt: geen investeringspremies meer voor residentiële zonnepanelen. De waarde zit in het zelfverbruik, aangevuld met de Brusselse groenestroomcertificaten; de indirecte hefbomen zijn de 6 % btw en de gewestelijke leningen (Mijn VerbouwLening, ECORENO, Rénoprêt). Het algemene regelgevende kader wordt voorgesteld in hoofdstuk 4 (regelgeving); de concrete stappen bij de distributienetbeheerder in hoofdstuk 14 (na de installatie).
Vlaanderen
Geen Fluvius-premie meer voor installaties gekeurd vanaf 01/01/2024, geen thuisbatterijpremie meer en geen groenestroomcertificaten voor nieuwe residentiële installaties. De digitale meter is verplicht voor elke eigenaar van zonnepanelen (Fluvius plaatst hem uiterlijk 90 dagen na de aanmelding); het saldo van de terugdraaiende teller wordt sinds 1 april 2026 niet meer gecompenseerd. Het prosumententarief geldt alleen nog met een klassieke teller (2026: 51,54 tot 65,65 €/kW/jaar excl. btw volgens het netgebied). Met een digitale meter betaalt u het capaciteitstarief: de netkosten volgen het gemiddelde van uw 12 maandelijkse kwartierpieken (minimum 2,5 kW; gemiddeld ± 53,39 €/kW/jaar excl. btw in 2026) — alleen afnamepieken tellen, injectiepieken niet. Het overschot wordt vergoed via een vrij onderhandeld terugleveringscontract: eind juni 2026 gemiddeld ± 4,37 c€/kWh.
Brussels Hoofdstedelijk Gewest
Geen premie (RENOLUTION dekt geen pv), wel groenestroomcertificaten gedurende 10 jaar, tegen het tarief op de datum van indienststelling. Sinds 01/04/2026: 2,055 certificaten/MWh tot 5 kWp (ongewijzigd), 1,739 van 5 tot 36 kWp (−11 %), 0,559 van 36 tot 100 kWp (−45 %), niets daarboven. Elia garandeert 65 €/certificaat; de markt betaalde medio 2026 ± 65-71 €. Geen compensatie sinds november 2021: het overschot verkoopt u via een injectiecontract. Sinds 01/01/2026 is een RESCert-gecertificeerde installateur vereist voor de certificaten van installaties ≤ 5 kWp. Reken uw certificaten na met onze rekenmodule Brugel-coëfficiënten. Financiering: het ECORENO-krediet (2,5 % of 3,5 %) is sinds januari 2026 opnieuw open.
Wallonië
Compensatie (« terugdraaiende teller ») behouden tot 31/12/2030 voor installaties ≤ 10 kVA die vóór 01/01/2024 in dienst gingen (datum van de AREI-keuring), met daarnaast het capacitaire prosumententarief (2026: ORES 80,98 €/kWe/jaar excl. btw, RESA 79,45 €/kWe — ≈ 84 à 86 € incl. 6 % btw). Installaties vanaf 2024: geen compensatie, digitale meter verplicht vóór de indienststelling, netkosten enkel op de werkelijke afname (geen prosumententarief) en injectie vergoed via een commercieel injectietarief. Geen gewestelijke premie meer sinds het einde van Qualiwatt (30/06/2018), geen groenestroomcertificaten voor nieuwe residentiële installaties; indirecte steun: 6 % federale btw en de Waalse renteloze lening (Rénoprêt).
De energiebalans en de CO₂-besparing
Geraamde jaarproductie
De energiebalans steunt op de Belgische vuistregel: 1 kWp goed georiënteerd (zuid, 35°) produceert ongeveer 1050 kWh/jaar (zie hoofdstuk 1, de opbrengst in België), gecorrigeerd met de oriëntatie-/hellingsfactor — de EF4-tabel toegelicht in hoofdstuk 6 (dimensionering).
Productie [kWh/jaar] = piekvermogen [kWp] × 1050 [kWh/kWp·jaar] × FCr
In het voorbeelddossier (zuidoost, 35° → FCr = 0,95): 3,915 × 1050 × 0,95 = 3905 kWh/jaar, ofwel een dekking van ongeveer 110 % van het verbruik van de klant (3500 kWh/jaar). In het oefenvoorbeeld (zuidoost, 45° → FCr = 0,93): 1,8 kWp → 1758 kWh/jaar. Neem die balans op in het aanbod: ze vormt de basis van zowel de rentabiliteitsstudie als de eventuele productiegarantie.
CO₂-besparing
Een gangbare rekenconventie waardeert de pv-elektriciteit door substitutie van een STEG-centrale (stoom- en gasturbine), met een totale uitstoot van 456 kg CO₂/MWh (251 kg/MWh primair bij 55 % rendement). Voor het voorbeelddossier: 3,905 MWh/jaar × 456 kg/MWh ≈ 1780 kg vermeden CO₂ per jaar.
Over 25 jaar, rekening houdend met een productiedegradatie van −0,7 %/jaar, produceert 1 kWp ongeveer 24.045 kWh en vermijdt zo ≈ 10.964 kg CO₂ — het equivalent van ongeveer 109.640 km afgelegd door een wagen die 100 g CO₂/km uitstoot, een beeld dat de klant aanspreekt. De oefeninstallatie van 1,8 kWp vermijdt op haar beurt ≈ 18.354 kg CO₂ over 25 jaar.
Ten slotte heeft de fabricage van de modules zelf een koolstofkost: als grootteorde geldt een CO₂-terugverdientijd van 2,74 jaar voor modules pal zuid op 35° (ofwel een « schuld » van ongeveer 1313 kg CO₂/kWp, afgelost door de vermeden uitstoot). Over een levensduur van 25 jaar geeft de installatie dus ongeveer negen keer de koolstof terug die in haar fabricage werd geïnvesteerd.
Verkoopargumenten en beperkingen van de oefening
Sterke argumenten voor in het aanbod
- Een zelf opgewekte kWh tegen ± 0,10-0,14 € (becijferde voorbeelden 2022-2023) tegenover 32 tot 38 c€/kWh van het net (CREG-gemiddelde, derde kwartaal 2026);
- Een terugverdientijd (situatie juli 2026) van indicatief 6 à 9 jaar in Vlaanderen, ± 7 jaar in Brussel (kalibratie van de groenestroomcertificaten door Brugel) en minder dan 7 jaar in Wallonië bij hoog zelfverbruik;
- Een becijferde CO₂-besparing (≈ 456 kg/MWh gesubstitueerd) en een koolstofterugverdientijd van minder dan 3 jaar;
- Een tastbare impact op de energieprestatie: ter illustratie verlagen ± 2400 Wp pal zuid op 35° het E-peil (Ew-waarde) met ongeveer 15 punten — een argument voor de waarde van het pand;
- Lange garanties (tot 25-30 jaar op recente modules).
Beperkingen om eerlijk aan te kondigen
- Injectie brengt weinig op (Vlaamse markt eind juni 2026: gemiddeld ± 4,37 c€/kWh, bij sommige contracten zelfs af en toe negatief, tegenover ± 30 c€/kWh afname), en onder het Waalse compensatieregime wordt het jaaroverschot nooit uitbetaald: overdimensioneren brengt niet evenredig op — het zelfverbruikspercentage is de echte sleutelvariabele;
- Het prosumententarief en het capaciteitstarief knagen aan de winst en hangen af van het netgebied — al tellen in Vlaanderen alleen de afnamepieken, niet de injectie;
- De omvormer zal over de levensduur zeer waarschijnlijk één keer vervangen moeten worden;
- Elke projectie over 25 jaar steunt op hypotheses (indexering van de elektriciteit, zelfverbruik) die de realiteit onvermijdelijk wat zal tegenspreken: presenteer de afschrijvingstabel als een voorzichtige raming, niet als een contractuele belofte.
Onthoud
- Een volledige offerte detailleert post per post: modules, omvormer, DC/AC-bekabeling, montagestructuur (vaak meer dan 1000 €), beveiligingen, keuring door een erkend keuringsorganisme + schema’s, werkuren en indienststelling — met algemene voorwaarden en garanties (10 jaar dak, 5-20 jaar modules, 5-10 jaar omvormer).
- Btw: 6 % voor een woning ouder dan 10 jaar in renovatie, 21 % anders; het verschil loopt op tot honderden euro’s.
- De rentabiliteit wordt berekend over 25 jaar in een afschrijvingstabel die degradatie (± 0,6 %/jaar), indexering van de elektriciteit (± 3 %/jaar), zelfverbruik, prosumententarief en omvormervervanging integreert; gebruik de officiële simulatoren (Zonnekaart, sifpv).
- Centraal argument: de pv-kWh kost ≈ 0,10-0,14 €/kWh tegenover 32 tot 38 c€/kWh van het net (CREG-gemiddelde, derde kwartaal 2026) — maar het geïnjecteerde overschot wordt weinig vergoed (Vlaamse markt eind juni 2026: gemiddeld ± 4,37 c€/kWh).
- Milieubalans: productie = kWp × 1050 kWh/kWp × FCr; vermeden CO₂ = 456 kg/MWh (STEG-referentie); koolstofterugverdientijd ≈ 2,74 jaar.
- Situatie in juli 2026: geen investeringspremies meer voor residentiële pv in de drie gewesten; de steun loopt via de Brusselse groenestroomcertificaten, de 6 % btw en vooral het zelfverbruik — in Vlaanderen bepalen digitale meter, capaciteitstarief en terugleveringscontract de balans.
De keuring door het erkend organisme: een offertepost, geen optie
Injectie op het net is pas toegelaten na de keuring van de installatie door een erkend keuringsorganisme. Atlas Contrôle keurt uw fotovoltaïsche installatie in volledige onafhankelijkheid — wij verkopen noch installeren panelen — en levert het keuringsverslag dat het dossier van uw klant vervolledigt.
Veelgestelde vragen
Hoeveel kost een residentiële fotovoltaïsche installatie in België? ▼
6 % of 21 % btw op zonnepanelen: wat is de regel? ▼
Hoe snel is een fotovoltaïsche installatie terugverdiend? ▼
Hoeveel kost een zelf opgewekte fotovoltaïsche kWh? ▼
Wat moet een volledige offerte voor zonnepanelen bevatten? ▼
Verder lezen
Keuring zonnepanelen
De AREI-keuring van uw pv-installatie door een erkend organisme BELAC.
Eendraadschema online
De schema’s die bij de keuring vereist zijn, gratis gegenereerd als PDF.
Thuisbatterij & C10/11
Het zelfverbruik verhogen: vereisten en keuring van de opslag.
RESCert-opleiding
Bereid de installateurscertificering voor met Atlas Academy.